25 juni 2012

Dekkingsgraad mei op 127%

Voor (ex-)IBMers met een DB-pensioen en iedereen die een IBM-pensioen ontvangt

Eind mei is onze dekkingsgraad uitgekomen op 127%, een behoorlijke stijging ten opzichte van de afgelopen maanden. En dat terwijl momenteel de onrust op de beurzen niet bepaald is afgenomen; eerder toegenomen. Hoe dat kan, leest u hieronder.

dg mei 2012

Over de dekkingsgraad
De dekkingsgraad geeft weer hoe het financieel gaat met een pensioenfonds. Hij geeft de verhouding weer tussen de bezittingen (het geld dat we in kas hebben) en de verplichtingen (de pensioenen die we moeten uitbetalen). Bij een dekkingsgraad van 100% is er precies genoeg geld om alle pensioenen in de toekomst uit te kunnen betalen. De wet stelt dat een pensioenfonds minimaal een dekkingsgraad van ongeveer 105% moet hebben.

Sijging in deze turbulente tijden, hoe kan dat?
Dit heeft te maken met de rekenmethodes achter de dekkingsgraad. We leggen het eenvoudig uit.

Sinds eind vorig jaar moeten pensioenfondsen van De Nederlandsche Bank op een iets andere manier hun dekkingsgraad berekenen. Normaal gesproken baseerden we de berekening van bezittingen en verplichtingen allebei op de actuele rentestand. Dat is nu anders: voor de verplichtingen moeten we nu de gemiddelde rente van de voorgaande 3 maanden gebruiken. De dekkingsgraad valt door deze methode in mei hoger uit. In andere maanden kan het effect juist andersom zijn. Het is niet bekend of en wanneer DNB de rekenregels voor de dekkingsgraad weer verandert.

In de afgelopen 3 maanden is de rente sterk gedaald. In de verplichtingen is de daling van de rente daarom pas met vertraging zichtbaar, omdat we van de gemiddelde rente van de 3 maanden uitgaan. Het effect op de bezittingen is wel direct merkbaar, omdat we die berekenen met de actuele rentestand. Per saldo betekent dit dat de dekkingsgraad door het genoemde vertragingseffect in mei hoger uitkomt.